Tindemans: met deze man werd het niet anders

Tindemans op bijeenkomst Nederlandse Kamer van Koophandel. Foto (c) Nationaal Archief, CC0

40 jaar geleden keldert Leo Tindemans het Egmontpact. Veerle Wouters en Hendrik Vuye blikken in een opiniestuk op Doorbraak.be terug op dit markante stukje politieke geschiedenis.

Het Egmontpact ziet het levenslicht in de nacht van 23 op 24 mei 1977. De definitieve tekst wordt afgeklopt in de nacht van 24 op 25 mei. Het zal nadien nog heronderhandeld worden (akkoorden van Stuyvenberg). De partijvoorzitters hebben het pact onderhandeld: Wilfried Martens (CVP), Georges Gramme (PSC), Willy Claes (BSP), André Cools (PSB), Hugo Schiltz (VU) en Léon Defosset (FDF). Willy Claes wordt nadien opgevolgd door Karel Van Miert, Léon Defosset geeft zijn voorzittershamer door aan Antoinette Spaak en Charles-Ferdinand Nothomb vervangt Georges Gramme.

Egmontpact

Na het afsluiten van het Egmontpact heerst er euforie bij de partijvoorzitters. Ze zijn er in geslaagd een alomvattend akkoord te sluiten, ook over Brussel. De ‘junta van de partijvoorzitters’ houdt alles in een stalen greep. Volksunie-voorzitter Hugo Schiltz stelt zelfs dat de teksten met ‘de karwats’ door het parlement gejaagd zullen worden. Maar het kan verkeren.

In Vlaanderen groeit het verzet. Vlaamse verenigingen bundelen zich in het Egmontcomité. Vooral de regeling voor Brussel en de Vlaamse Rand stuit op veel kritiek. ‘Du côté francophone, tout le monde se félicite évidemment de l’accord’, schrijft André Méan, politiek journalist van La Libre Belgique.

Het Egmontpact kiest voor een doorgedreven defederalisering van bevoegdheden naar de gemeenschappen en de gewesten. Het nationale niveau is bevoegd voor: (a) de door de Grondwet aan de wet voorbehouden aangelegenheden; (b) buitenlandse zaken; (c) landsverdediging; (d) justitie; (e) binnenlandse zaken; (f) financiën; (g) economie; (h) openbare werken en verkeerswezen; (i) sociale voorzorg, sociale zekerheid in de ruime zin van het woord; (j) nationaal gezondheidsbeleid en (k) het administratief statuut en de bezoldigingsregeling van de ambtenaren (ook deze van de gewesten en gemeenschappen) en de verplichte werving door het Vastwervingssecretariaat.

Een historische dag in de Kamer

Een regeringsleider met kloten aan zijn lijf zou deze adviezen dadelijk naast zich neer hebben gelegd

De Raad van State buigt zich over het Egmontpact. De adviezen van de Raad zijn op cruciale punten negatief. De spanning tussen de Vlaamse christendemocraten (CVP) en de Waalse socialisten (PSB) is te snijden. Eerste Minister Tindemans (CVP) wil de adviezen niet zomaar negeren. PSB-voorzitter André Cools is woedend en stelt dat Tindemans deloyaal is. Op 4 augustus 1978 sterft Egmont een eerste maal wanneer een razende Cools aan Tindemans toeroept: ‘We wisten op voorhand wat de Raad van State ging zeggen, maar deze geleerde heren kunnen geen politiek akkoord op de helling zetten. Een regeringsleider met kloten aan zijn lijf zou deze adviezen dadelijk naast zich neer hebben gelegd’.

Na een bezinningsdag te Oostmalle keren de CVP-parlementsleden zich tegen het pact. 11 oktober 1978 is een historische dag in de Kamer. In de voormiddag ontvangen de voorzitters van de meerderheidspartijen de bezwaren van de CVP. In de namiddag verloopt de zitting van de Kamer tumultueus. Meerdere partijvoorzitters van de meerderheid ondervragen Eerste Minister Leo Tindemans: André Cools (PSB), Charles-Ferdinand Nothomb (PSC) en Hugo Schiltz (VU). Voor het FDF voert fractieleider Pierre Havelange het woord. Hij vervangt FDF-voorzitter Antoinette Spaak die vastzit in het Brusselse verkeer. Allemaal eisen ze dat de regering standpunt inneemt.

CVP-voorzitter Wilfried Martens verklaart dat zijn partij niets terugneemt van het gesloten akkoord. Cools en Van Miert zijn niet gerust in de reactie van Tindemans. Schiltz wil Tindemans kleur laten bekennen om zo de regering de kans te geven om door te gaan.

‘Ik ga naar de koning’’

Ik verlaat deze tribune; ik ga naar de Koning en bied Hem het ontslag van de regering aan.

Eerste Minister Tindemans antwoordt dat men de negatieve adviezen van de Raad van State niet zomaar naast zich kan neerleggen. Vervolgens gebeurt wat nog nooit was gebeurd en sedertdien ook niet meer is gebeurd: de Eerste Minister neemt ontslag nog tijdens de vergadering. ‘Wanneer ik in de speciale commissie het standpunt van de regering heb verduidelijkt, heb ik gezegd dat de Grondwet voor mij geen vodje papier is. Ik wil niet dat avonturiers van links of van rechts ooit een precedent van Tindemans zouden inroepen om hun daden goed te praten. Daarmee rekening houdend, na de scheldwoorden, beledigingen en aanvallen waarvan ik de laatste dagen het voorwerp ben geweest, en zoëven nog de insinuaties op deze tribune is de conclusie voor mij duidelijk: Ik verlaat deze tribune; ik ga naar de Koning en bied Hem het ontslag van de regering aan.’

Koning Boudewijn weet dit niet te appreciëren. De koning vindt dat Tindemans zijn koninklijke prerogatieven uitholt. Het komt nooit meer goed tussen Boudewijn en Tindemans.

Na het spectaculaire ontslag van Tindemans blijven de Franstaligen het Egmontpact getrouw. Op 16 november komt er een gemeenschappelijke verklaring van de partijvoorzitters Cools (PSB), Nothomb (PSC) en Spaak (FDF) waarin ze stellen dat het Egmontpact voor hen de basis blijft van elk gesprek.

De verkiezingen van 1978: een nieuw politiek landschap

Op 17 december 1978 zijn er verkiezingen. Voor Karel Dillen is het duidelijk: de Vlamingen worden door het Egmontpact bekocht en verkocht. De Volksunie van Egmonter Hugo Schiltz lijdt een historische nederlaag. De VU verliest een derde van haar kiezers. De partij verliest 6 zetels en valt van 20 parlementszitjes terug op 14. Er komt een tweede V-partij in de Kamer. In het kiesarrondissement Antwerpen behaalt het Vlaams Blok zijn beste score: 3,58%. Karel Dillen wordt het eerste parlementslid van de nieuwe partij.

Ook de Vlaamse socialisten verliezen. De CVP handhaaft zich en wint een zetel. De Franstalige Egmontpartijen (PSB, PSC en FDF) komen zo goed als ongeschonden uit de kiesstrijd. In het kiesarrondissement Brussel verovert Union Démocratique pour le Respect du Travail – Respect voor Arbeid en Democratie (UDRT-RAD) een zetel met lijsttrekker Robert Hendrick. UDRT-RAD is een antibelastingspartij van rechtsliberale signatuur. Hendrick zal tot 1991 in de Kamer zetelen.

Ik zal nu spreken met bloed in mijn mond

Na deze verkiezingen proclameerden de Vlaamse partijen het overlijden van Egmont. Ook André Cools zal het Egmontpact ten grave dragen, met de legendarische woorden: ‘Ik zal nu spreken met bloed in mijn mond’.

Het spectaculaire ontslag van Tindemans en de mislukking van Egmont zorgt in Vlaanderen voor een nieuw politiek landschap. Binnen de CVP is er een generatiewissel. Leo Tindemans wordt als eerste minister vervangen door Wilfried Martens. Bij de socialisten gaan Vlamingen en Walen voortaan hun eigen weg. De laatste unitaire traditionele partij BSP-PSB overleeft Egmont niet. De Vlaamse socialisten vernemen via de radio dat André Cools de oprichting van de Parti Socialiste (PS) aankondigt.

De Volksunie breekt in stukken. Het Vlaams Blok is een kindje van Egmont.

En hoe vergaat het Leo Tindemans? Hij zal van 1979 tot 1981 partijvoorzitter zijn van de CVP. In juni 1979 boekt hij een gigantisch succes bij de Europese verkiezingen met een recordscore van 983.000 voorkeurstemmen. Tindemans zal echter nooit meer eerste minister worden. Van 1981 tot 1989 is hij nog minister van Buitenlandse zaken in de regeringen geleid door zijn grote concurrent Wilfried Martens. Van 1989 tot 1999 zetelt hij in het Europees Parlement.

Met deze man wordt het anders

Tindemans was ooit de eerste politicus rond wie een gepersonaliseerde campagne werd gevoerd. In 1974 speelt CVP hem voor het eerst ten volle uit: ‘Met deze man wordt het anders’. Na Egmont krijgt Tindemans het imago van de beginselvaste politicus voor wie de Grondwet geen vodje papier is. De werkelijkheid is anders. Tevoren, bij de eerste staatshervorming (1970), is Tindemans minister van Communautaire betrekkingen. De Grondwet is net bij deze eerste staatshervorming veelvuldig met de voeten getreden. Maar ook later is dat zo. In aanloop naar de derde staatshervorming (1988-’89) komen de meerderheidspartijen overeen dat de adviezen van de Raad van State geen wetten van Meden en Perzen zijn. Minister van Buitenlandse Zaken Leo Tindemans protesteert niet. Er gaapt een enorme kloof tussen het zorgvuldig opgebouwde imago van beginselvastheid en het gevoerde beleid.

Toch hangen vele Vlamingen na Egmont aan de lippen van Tindemans. Wat Tindemans zegt is evangelie. Maar ook met deze man is het niet anders geworden. Nil novi sub sole.