Sedert vorige zomer vliegen de politieke ballonnetjes om de vrijheid van meningsuiting te beperken in de strijd tegen het terrorisme welig in het rond. De laatste in de rij komt van federaal procureur Frédéric Van Leeuw. Hij wil het raadplegen van jihadistische sites met gewelddadige beelden of instructies strafbaar stellen. Het klinkt goed, maar lost in essentie niets op. Zo’n maatregel zorgt enkel voor een vals gevoel van veiligheid.

Belkacem vecht zijn veroordeling voor het verspreiden van haat-boodschappen aan bij het Europees Mensenrechtenhof. Hij vangt bot. Het Hof beslist dat zijn zaak onontvankelijk is: haat-boodschappen worden niet beschermd door het Mensenrechtenverdrag. Het heeft dus geen enkele zin om de vrije meningsuiting te willen beperken voor ‘collaborateurs’ met IS. Dat politiek ballonnetje schoten Vuye en Wouters vorig jaar nog uit de lucht.

Regering-Francken: “Lees mijn tweets, kijk niet naar mijn daden”

België heeft een regering-Michel en nu ook een regering-Francken. De een blaast warm, de ander koud. Met dergelijk gebrek aan inhoud loopt men vroeg of laat tegen de lamp. Geen resultaten op sociaal-economisch vlak, verhoogde dotaties aan Unia, Belgische fregatten naar de Middellandse Zee, maar intussen enorm verontwaardigd zijn in twitter- en televisieland. “Vlaanderen verwacht meer”, zegt Vuye in de Kamer.

Preventieve screening is ongetwijfeld een nuttig instrument in tijden van terreurdreiging. Maak echter van Tomorrowland geen juridisch niemandsland. Wij bedanken voor de politiestaat waar sheriffs die geen verantwoording afleggen bepalen wat goed is voor ons. In een moderne rechtstaat is het wel degelijk mogelijk om preventief te screenen zonder big brother te omarmen. Waarom doen we dat dan niet…?